Twee stages: recensieredacteur/ publiekshistoricus

Recensieredacteur (6 of 12 maanden)

Publieksgeschiedenis/webredacteur (3 tot 6 maanden)

Lijkt het jou leuk om een jaar lang mee te draaien in een professionele redactie? Tijdschrift voor Geschiedenis is op zoek naar twee enthousiaste stagiairs om de redactie te versterken. TvG is het oudste historische tijdschrift in Nederland en publiceert artikelen over alle historische tijdvakken. Daarnaast verschijnen in TvG besprekingsartikelen, interviews en recensies. De redactie bestaat uit vooraanstaande historici uit Nederland en Vlaanderen.

 

Stageplek recensieredacteur (6 of 12 maanden)

Als recensieredacteur ben je verantwoordelijk voor de recensierubriek van Tijdschrift voor Geschiedenis. Je werft recensenten, selecteert boeken en redigeert de recensies. Je hebt dus gevoel voor tekst en beschikt over een perfecte Nederlandse taalvaardigheid. Naast het redactiewerk is er de mogelijkheid voor een individuele stageopdracht, deze wordt bepaald in onderling overleg. Daarnaast help je mee met algemene redactionele werkzaamheden.

Eventuele ECTS kunnen worden vastgesteld in over leg met de stagecoördinator. De stage is onbezoldigd en geldt voor een periode van 6 of 12 maanden (februari-augustus 2021) voor één dag in de week. De redactie is gehuisvest in de Universiteit Leiden, maar het contact zal grotendeels online zijn.

De redactie biedt aan

  • Coördinatie van de recensierubriek (inclusief beheer van binnengekomen boeken, werving van recensieauteurs, eindredactie recensies)
  • (in overleg) Individuele stageopdracht voor 10 a 15 ECTS
  • Meedraaien met de redactie (o.a. tijdens de viermaandelijkse redactievergadering)
  • 6 of 12 maanden, 1 dag per week.

De redactie zoekt

  • Je bent student (BA/(MA) aan de opleiding Geschiedenis
  • Je hebt gevoel voor tekst en affiniteit met redactiewerk
  • Je beschikt over een perfecte taalvaardigheid in het Nederlands

 

Stageplek publiekshistoricus/webredacteur

De oude jaargangen van Tijdschrift voor Geschiedenis zijn al langer gedigitaliseerd, maar sinds kort zijn ook de nieuwe jaargangen volledig open access beschikbaar. Dit brengt nieuwe mogelijkheden met zich mee om oude kennis opnieuw onder de aandacht te brengen en nieuwe kennis te delen met een groter en breder publiek.

Als stagiair publiekshistoricus  denk je mee over deze mogelijkheden en krijg je de vrijheid om naar eigen inzichten een socialmedia plan op te stellen met concrete stappen en doelstellingen, met het overkoepelende doel om op lange termijn de digitale aanwezigheid van het tijdschrift te vergroten.

Dit is nieuw terrein voor TvG, dus biedt veel ruimte voor eigen inbreng en creativiteit. Je beschikt over een enorm archief van artikelen (momenteel 133 jaargangen) dat jaarlijks met vier nummers (zo’n 25 artikelen en 100 recensies) groeit, de expertise van de redactieredacteuren en toegang tot historici die momenteel bezig zijn met state-of-the-art onderzoek in Nederland en Vlaanderen. TvG beschikt momenteel over een website, digitaal archief en twitter.

De redactie biedt aan

  • werken met uiteenlopend corpus aan artikelen over alle periodes en thema’s binnen de geschiedschrijving, van Nederland, België en de rest van de wereld
  • toegang tot een groot netwerk van Nederlandse en Vlaamse historici die bezig zijn met in state-of-the-art onderzoek en het redactionele veld.
  • (na overleg) 5 tot 15 ECTS.
  • een stage van 3 tot 6 maanden/1 dag per week

De redactie zoekt:

  • een geschiedenisstudent (BA of MA) met interesse in publieksgeschiedenis
  • iemand met affiniteit met socialmedia en ervaring met wordpress

Meer weten?

Meer informatie op onze website www.tijdschriftvoorgeschiedenis.org. Heb je een vraag over een van stages? Neem contact op met redactiesecretaris Dirk Alkemade (tvg1@hum.leidenuniv.nl) De concrete invulling van de stages kan nog nader worden bepaald.

Geïnteresseerd? Stuur vóór 20 december een e-mail naar Dirk Alkemade met een korte brief + cv en een voorbeeld van recent geschreven werk (essay/werkstuk…).

Nummer 131.4

cover134.4.jpegHet vierde nummer van 2018 bevat bijdragen over de Amerikaanse wortels van de ‘Nederlandse Zwarte Piet’, de rol van koningin Wilhelmina in de komst van de Duitse keizer Wilhelm II in november 1918 en de Kerstvloed van 1717, de enige overstromingsramp in de geschiedenis van West-Europa die het leven kostte aan 10.000 mensen.

Daarnaast treden Susan Hogervorst, Tim Huijgen, Marloes Hülsken en Norah Karrouche met elkaar in discussie over de mogelijkheden van oral history in het geschiedenisonderwijs.

Lees verder…

Nummer 131.3: Nederlands wereldrijk

The Dutch empire fulfilled the goals, interests and necessities of the central state, of the local elites and of the common man. This thematic issue of Tijdschrift voor Geschiedenis goes beyond traditional views of the Empire as a ‘trading enterprise’, and argues that the Dutch empire, like all other empires, was a territorially expanding state that faced challenges regarding sovereignty, subjection and belonging across the globe.

Lees verder…

Zwarte Piet en de blackfacetraditie

Afbeelding boven: een advertentie voor de Lantum Negerzangers van Amerika, een Britse blackface-act die in 1847 Nederland aandeed. Enkele jaren na het bezoek van deze blackface-act ontstond de zwarte piet zoals we die nog altijd kennen.
Advertentie uit de Nieuwe Rotterdamse Courant, 12 augustus 1847

‘Nederlandse Zwarte Piet’ heeft Amerikaanse wortels

Nieuw onderzoek van historica Lise Koning toont aan dat de Nederlandse Zwarte Piet is gebaseerd op Amerikaanse voorbeelden

De veronderstelling dat Zwarte Piet een uniek Nederlands fenomeen is, blijkt niet te kloppen. Historica Lise Koning toont in een artikel in het aankomende nummer van Tijdschrift voor Geschiedenis voor het eerst aan hoe het hulpje van Sinterklaas is gemodelleerd naar populaire Amerikaanse en Britse blackface-optredens uit de negentiende eeuw.

Blackface, het zwartmaken van een gezicht om een karikatuur van een zwart persoon uit te beelden, ontstond rond de jaren 1820 in de Verenigde Staten. Vlak nadat blackface ook in Nederland aanslaat, introduceert de Amsterdamse onderwijzer Jan Schenkman in het prentenboek Sint Nikolaas en zijn knecht (1850) het personage Zwarte Piet. Deze ‘knecht’ van Sinterklaas lijkt sterk geïnspireerd op het Amerikaanse blackface-karakter. Vanaf nu draagt Zwarte Piet verfijnde maar karikaturale kleding, veroorzaakt hij komisch bedoelde taferelen, en is zo een voorbeeld van anti-emancipatoire humor. De Nederlandse Zwarte Piet maakt daarmee onderdeel uit van een internationale traditie waarin een stereotype beeld van zwarte mensen wordt neergezet.

Lise Koning (1989) is als medewerker Educatie en evenementen verbonden aan het Noord-Hollands Archief en in 2018 verkozen tot Jonge Historicus van het Jaar. Tevens won zij de Publieksprijs Jonge Archivaris van het Jaar. In het nieuwste nummer van Tijdschrift voor Geschiedenis schrijft Koning over de internationale invloed op de Nederlandse Zwarte Piet-traditie.

Het artikel is verschenen in nummer 131.3 van Tijdschrift voor Geschiedenis, maar is hier online te lezen.

Nieuw licht op de komst van de Keizer

Persbericht_De Graaf

Afbeelding: keizer Wilhelm II met koningin Wilhelmina en prins Hendrik in een open galarijtuig op de Dam tijdens een bezoek van de keizer in december 1907.
Foto van B. Groote & Co, collectie Stadsarchief Amsterdam

Exclusieve voorpublicatie

Op basis van uitgebreid bronnenonderzoek in binnen- en buitenland laat Beatrice de Graaf in een nieuw artikel zien dat de Nederlandse regering en koningin Wilhelmina wel degelijk een rol speelden in de komst van Duitse keizer Wilhelm II in november 1918.

Terwijl het Duitse leger aan het einde van de Eerste Wereldoorlog zijn definitieve nederlaag leed en Duitsland in een staat van revolutie verkeerde, vluchtte keizer Wilhelm II vanuit zijn hoofdkwartier in Spa naar het neutrale Nederland. Vroeg in de ochtend van 10 november 1918 – precies honderd jaar geleden – arriveerde hij met zijn gevolg in het Limburgse grensplaatsje Eijsden. De Nederlandse regering en koningin Wilhelmina II stelden volledig verrast te zijn door zijn komst, maar accepteerden zijn asiel als een voldongen feit. Tot aan zijn dood in 1941 woonde Wilhelm II in Nederland, eerst in Amerongen, later in Huis Doorn.
Op basis van nieuw archiefonderzoek in binnen- en buitenland houdt hoogleraar Beatrice de Graaf dit verhaal kritisch tegen het licht in een nieuw artikel in Tijdschrift voor Geschiedenis. In ‘Vorstin op vredespad. Wilhelm II en Wilhelmina en het einde van de Eerste Wereldoorlog’ schenkt zij aandacht aan de dynastieke relaties tussen keizer Wilhelm en koningin Wilhelmina – zij waren achterneef en -nicht – en aan de diplomatieke ontwikkelingen tussen Duitsland en Nederland in de zomer van 1918, stelt De Graaf dat de komst van de keizer minder als een verrassing kwam dan lang is gedacht.

Het artikel verschijn in nummer 131.4 van het Tijdschrift van Geschiedenis hier al online te lezen.